Tweede Kamer wil alternatief voor vastgoed in box 3 behouden
De hervorming van box 3 blijft volop in beweging. De Tweede Kamer heeft onlangs een motie aangenomen waarin het kabinet wordt verzocht om het voorgestelde realisatieregime voor vastgoed gereed te houden. Dit regime kan als alternatief worden ingevoerd wanneer de Wet werkelijk rendement box 3 uiteindelijk geen doorgang vindt.
Wet werkelijk rendement box 3 nog onzeker
De Wet werkelijk rendement box 3 (Wwr) ligt momenteel bij de Eerste Kamer. Het is nog niet zeker of het wetsvoorstel daar voldoende steun krijgt. Tegen die achtergrond wil de Tweede Kamer voorkomen dat het afzonderlijke vastgoedregime verloren gaat.
De motie, ingediend door Kamerlid Hoogeveen, ziet specifiek op de fiscale behandeling van onroerende zaken binnen box 3.
Verschil tussen vastgoed en ander vermogen
Een belangrijk onderdeel van de voorgestelde Wwr is het onderscheid tussen vastgoed en andere vermogensbestanddelen.
Voor onroerende zaken wordt uitgegaan van een vermogenswinstbelasting. Een waardestijging van bijvoorbeeld een verhuurde woning wordt daarbij in beginsel pas belast wanneer deze daadwerkelijk wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld bij verkoop.
Voor andere vermogensbestanddelen zou juist een vermogensaanwasbelasting gelden. Daarbij kunnen ook niet-gerealiseerde waardestijgingen jaarlijks worden belast. Een belegger kan daardoor belasting verschuldigd zijn over een waardestijging, terwijl het vermogen nog niet is verkocht en de opbrengst dus nog niet beschikbaar is.
Waarom is dit relevant voor verhuurders?
Juist bij vastgoed kan belastingheffing over een niet-gerealiseerde waardestijging tot liquiditeitsproblemen leiden. Een verhuurder zou bijvoorbeeld belasting moeten betalen over de waardestijging van een woning, terwijl deze woning niet is verkocht en er dus geen verkoopopbrengst beschikbaar is.
Het voorgestelde realisatieregime voorkomt dit in belangrijke mate. De belastingheffing over de waardestijging vindt dan pas plaats bij realisatie, bijvoorbeeld bij verkoop.
Volgens de indiener van de motie richten de belangrijkste bezwaren tegen de Wwr zich vooral op de vermogensaanwasbelasting voor andere vermogensbestanddelen. Het afzonderlijke vastgoedregime zou bovendien al grotendeels zijn uitgewerkt en de Belastingdienst zou over een groot deel van de benodigde gegevens beschikken.
Wat gebeurt er nu?
Met het aannemen van de motie vraagt de Tweede Kamer het kabinet om het realisatieregime voor vastgoed gereed te houden. Mocht de Wet werkelijk rendement box 3 uiteindelijk niet worden aangenomen, dan moet het kabinet het vastgoedregime op korte termijn als zelfstandig wetsvoorstel kunnen indienen.
Voor vastgoedbeleggers betekent dit dat de fiscale behandeling van vastgoed in box 3 nog niet definitief vaststaat. De komende behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3 in de Eerste Kamer blijft daarom belangrijk.
Heeft u vastgoed in box 3 en wilt u weten wat de mogelijke wijzigingen voor uw situatie kunnen betekenen? Wij volgen de ontwikkelingen nauwlettend en helpen u graag bij het beoordelen van de fiscale gevolgen.
Reactie plaatsen
Reacties